Nieuws

Optreden tegen verspilling

31 augustus 2010
Gemeenten besparen steeds meer energie op verlichting. Helaas wordt hun goede voorbeeld niet door iedereen gevolgd. Strengere controle moet daar verandering in brengen.

Onnodig licht
Hoe vaak zie je het niet? Je loopt ’s avonds laat door het donker naar huis, en in allerlei kantoren brandt nog licht. Zijn daar nog mensen aan het werk? Welnee! Iedereen is naar huis, het zijn alleen de lampen die nog branden. Gelukkig is er door gemeenten de afgelopen jaren veel gedaan aan besparing en aan het verbeteren van de lichtsituatie in ons land. Gemeentehuizen gebruiken steeds zuiniger lampen en hebben vaker detectiesystemen die het licht uitschakelen als er niemand is. En wat te denken van de dynamische wegverlichting: ledlampen die de weg markeren en pas aangaan als er een auto aankomt. Maar hoeveel energie er met zulke maatregelen ook al bespaard is, we zijn er nog niet. Vooral in de utiliteitsbouw is nog veel winst te behalen.


Strenger controleren
Eén van de problemen in de utiliteitsbouw is dat de eigenaar meestal niet de gebruiker is van het gebouw. Beide partijen voelen zich daarom niet verantwoordelijk voor het besparen op verlichting. Op grond van de Wet Milieubeheer kunnen gemeenten weliswaar optreden tegen verspilling, maar dat gebeurt nauwelijks. Om hier verbetering in te brengen volgen 125 ambtenaren van ‘handhavingbevoegde overheden’ een training. Zij zullen in de nabije toekomst als controleur worden ingezet en gaan optreden tegen verspilling. Eens zien hoeveel licht er dan ’s avonds nog brandt…!

Bron: Binnenlands Bestuur