Nieuws

‘Duurzaamheid is niet te polderen’

27 september 1267
PeGO-lid Jeroen Nobel is wethouder in Haarlemmermeer en heeft onder andere grondzaken en de uitvoering van inbreidings- en uitleglocaties in zijn portefeuille. Het is dan ook niet gek dat hij, binnen de VNG, lid is van de commissie Ruimte en Wonen. Maar Nobel doet meer: sinds zo’n anderhalf jaar is hij VNG klimaatambassadeur. We vragen hem naar het wat, waarom en hoe.

Verrassing
Haarlemmermeer is een energieke gemeente waar veel gebouwd wordt. Gebiedsontwikkeling heeft zowel Nobels bestuurlijke als persoonlijke interesse: vanuit die achtergrond heeft hij zich aangemeld voor de commissie Ruimte en Wonen binnen VNG. Klimaat is een ander verhaal. Nobel: “In onze gemeente Haarlemmermeer doen wij veel aan duurzaamheid en klimaatbeleid. Daar zijn we met een aantal portefeuillehouders ook direct bij betrokken, maar het is niet specifiek mijn eigen portefeuille.” Toch is Nobel één van de vijf klimaatambassadeurs in Nederland, specifiek voor de duurzame gebouwde omgeving. Hij is aangesteld door de VNG in overleg met de minister van VROM en WWI. Nobel was enigszins verrast toen hij voor deze functie gevraagd werd: “Inhoudelijk ben ik immers niet op dat terrein werkzaam. Inmiddels heb ik natuurlijk een flinke kennisslag gemaakt.”


Onorthodox
Functie van een klimaatambassadeur is het uitdragen van duurzaamheid en klimaatbeleid binnen de gemeenten. Bovendien poogt een ambassadeur de mogelijkheden van het klimaatbeleid van de rijksoverheid terug te brengen naar de lokale overheden. Nobel gelooft dat hij deze functie te danken heeft aan zijn soms enigszins onorthodoxe bestuurlijke stijl: “Duurzaamheid is niet te polderen: als je duurzaamheid hoog op de agenda hebt staan, betekent dit dat je niet iedereen gelukkig kunt maken.” Niet verdrinken in langdurige processen en stapels papier blijven produceren dus, maar juist in relatief korte tijd dingen op gang brengen en implementeren. En tegelijkertijd met elkaar in gesprek blijven over nieuwe ontwikkelingen. “Ik ben niet bang om dingen te beginnen als ik nog niet precies weet waar ze gaan eindigen, zolang ik er maar van overtuigd ben dat het de goede richting is. Hobbels die we onderweg tegenkomen, pakken we dan wel weer op.”


Overheid en markt
De VNG heeft, samen met het ministerie van VROM, het Klimaatverbond en EnergieTransitie, het Platform Duurzame Overheden opgericht. Binnen het platform zijn diverse themateams actief.  Dat werken in teams vindt Nobel een goede zaak. Teamleden kunnen hun specifieke kennis namelijk uitdragen naar de verschillende gemeenten of andere instanties. VNG speelt een grote rol in die kennisverspreiding, niet alleen door middel van een website en de media, maar ook door het organiseren van bijeenkomsten. In die bijeenkomsten probeert VNG de overheid en de markt zoveel mogelijk samen te brengen. “Bij de duurzame gebouwde omgeving gaat het dan bijvoorbeeld om het samenbrengen van ontwikkelaars, bouwers en installatiebedrijven”, zegt Nobel. “Die nemen allemaal hun eigen inhoudelijke kennis mee en kunnen ervaringen delen over hoe projecten het beste tot stand kunnen komen.” 


‘Sense of urgency’
In zijn anderhalf jaar als klimaatambassadeur vindt Nobel het vooral mooi om te zien dat er ook particuliere initiatieven zijn. Mensen die zich niet laten leiden door regeltjes, maar uit zichzelf met ideeën aankomen. “Met name in de utiliteitsbouw is het economisch gezien ook heel verstandig om duurzaam te bouwen”, aldus Nobel. Toch gelooft hij dat er nog een wereld te winnen is, bijvoorbeeld wat betreft fiscale maatregelen of toepasbaarheid van duurzame woningbouw. Waar hij zich vooral zorgen over maakt, is het verliezen van de aandacht. Zonder die aandacht is zelfs de overheid niet in staat om het goede voorbeeld te geven en de burgers ervan te overtuigen dat klimaatbeleid niet van tijdelijke aard is. Nobel: “Klimaatbeleid is niet zomaar wat hobbyen. We moeten steeds in gedachten blijven houden dat we dit doen om daadwerkelijk het milieu en klimaat te verbeteren. De ‘sense of urgency’ is er wel, maar de vertaalslag naar burgers en vakmensen blijft lastig.”

Jeroen Nobel, wethouder Haarlemmermeer